Hollands Next Guru

Door Djilani

Maandagmorgen 05.00. Nog geen mens op straat te bekennen. Je trekt jouw fiets uit het rek. Omdat je besloten hebt deze week rust te bewaren leg jij je toe op een monnikenwerk. De trappers in de perfecte positie brengen. 90 graden ten opzichte van jouw gebroken witte zadel en precies in lijn met de assen van jouw wielen. Een volmaakt moment.

Nietsvermoedend kijk je op. Je blik kruist met die van een andere vroege vogel. Zo een type waar de rust van afdruipt. Een oudere versie van jezelf, die vermoedelijk een kalmerend effect heeft op iedereen die geen goeroe is. Om jaloers van te worden.

Nog voordat de nijd een kans ziet, kans ziet om een lawine van negatieve gedachten te veroorzaken,  buig je het om. Wat die koning kan, kan jij ook! Ter inspiratie kijk je een laatste keer achterom. Je bent met stomheid geslagen. Hij fietste blijkbaar zo traag dat hij aanvankelijk aan jouw blik was ontsnapt. Zo traag dat hij perfect opging in het roerloze beeld van een fietspad: aan één zijde ingesloten door een strook beukenbomen en aan de andere zijde bevrijd door een uitdijende vaart. Tja, valt dat nog te evenaren?

Je voeten komen vrij van de grond, je vliegt. Een voorrecht, een sensatie die alleen aan superman voorbehouden is. Dus niet. Met je voeten beroer je nu de trappers die perfect in positie staan. Je ogen beginnen te stralen bij het aanschouwen van de gebroken witte banden die jouw natte fietsdroom compleet maken.

Het eerste stoplicht springt op groen nog voordat jij van jouw roze wolk – in de vorm van een transporterbike – hoeft af te komen. Je vangt een eerste glimp van haar op. De stad die slaapt. Nog één stoplicht, het viaduct onderdoor en je bent er. Geluksvogel dat je bent. Weer een stoplicht dat op groen springt. Immer gerade aus! Guess again…

Een doffe klap…gevolgd door een beangstigende stilte… 

Je staat weer met beide benen op de grond en de fiets in jouw handen. Hij ligt daar voor pampus. Alsof hij het fietspad in zijligging wou berijden, met de fiets nog tussen zijn benen en het stuur in zijn handen. Een snelheidsduivel. Hij mist alleen nog een drietand en twee hoorntjes op zijn hoofd.

Terwijl je hart in je keel bonst probeer je alles op een rijtje te krijgen. Zit ik fout? Nee! Had ik dit kunnen voorkomen? Nee! Hij is het. Hij is de boosdoener. Kwakzalver. Hoezo ga je ‘in het donker, over het voetpad, tegen de richting in fietsen, zonder fietsverlichting?’ Om vervolgens het fietspad letterlijk te bestormen op een punt dat er een metershoge heg staat. Hoe haal je het in je hoofd.  Jou valt niets te verwijten. Met een schoon geweten stap je op hem af. De boosheid zwakt af. Dichterbij gekomen constateer je dat hij een jongere versie van jezelf is. Gaat het? Vraag je bezorgd. Nauwelijks heb je deze woorden over je lippen en de jongeman stottert ‘sorry, ik zat fout’. Je knikt instemmend en maakt ondertussen een handuitreiking.

Hij trekt zich aan jou op. Onmiddellijk loop je over van zelfvoldaanheid.

Zo voelt het dus om goeroe te zijn.        

Foto©Artwallpaper

LinkedIn
YouTube